De eerste paal voor die uitbreiding is zojuist geslagen, de voltooiing wordt in maart 1992 verwacht. De realisatie kost 21 miljoen gulden. De uitbreiding kent de naam Fase D, en is bestemd voor accommodatie voor kopers van de veiling. Gezien de beoogde groei zal de veiling nog meer putten uit het alfabet. Deze verwachting uiten logistiek manager N.W. Elderman en zijn stafmedewerker ir C.L. Jaspers. Beiden zijn per 1 januari jongstleden in dienst getreden bij de bloemenveiling.
Het genoemde onderzoek bood hen de gelegenheid tot in de finesses chepen

icht te verwerven in het logistieke proces van de veiling. Districon heeft dit tot de laatste vezel ontleed. Grofweg betreft dit proces de aanvoer van ’s morgens 11.00 uur tot diep in de nacht; voor de klok brengen van de produkten van 6.00 uur tot 9.00 uur a 11.00 uur, en voortdurende verdeling van de geveilde produkten tot de middag.
Alle schakels van het aan- en afvoerproces zijn wat betreft doorlooptijden, bezetting, capaciteit en intensiteit tegen het licht gehouden. ‘Verbetering van de efficiency’ luidde de belangrijkste doelstelling die ten grondslag lag aan de opdracht aan Districon, in het licht van de verwachte hoge groei en noodzakelijke kwaliteitsverbetering en beheersing van de kosten.

Forse groei

Die groei is namelijk fors. In 1990 boekte de veiling een omzet van 263 miljoen gulden, zes procent van de totale markt voor bloemen en planten. De toename met veertien procent ten opzichte van 1989 was hoger dan die van Aalsmeer en Westland. Tweederde van de aanvoer komt uit ‘De Kring’, het gebied tussen Gouda, Rotterdam en Delft.
Gezien de aanhoudend forse groei van de tuinbouw in dit gebied, in weerwil van de eveneens ruimte opeisende woning- en wegenbouw, moet de veiling snel uitbreiden. In het in 1989 opgestelde Masterplan wordt nagenoeg een verdubbeling van de ruimte tot het jaar 2000 voorzien.
De neergelegde visie van Districon betreft de korte termijn, tot en met 1993. De belangrijkste aanbeveling luidt: verplaats het verdeelcentrum. Dit ligt nu vlak achter de klok. Wie er vanaf het balkon van de veiling een blik op werpt, ziet nu een krioelende groep verdelers met onnavolgbare stromen karren, die elkaar bijkans van de sokken rijden.
Elderman: “We zitten in het centrum aan de maximum capaciteit van zestig mensen. Er dreigt een verlenging van de uitdeeltijden en dat is logistiek onacceptabel. We willen juist naar een standaard uitdeeltijd voor iedere partij van ten hoogste een uur na het veilen.”

Voorstel

Het managementteam van de veiling zal het bestuur een voorstel doen om het verdeelcentrum te verplaatsen naar de zogenaamde fase C. Dit nieuwste gebouw wordt nu gebruikt voor de aanvoer van planten, en na afloop van het veilen voor het verwerken van zendingen door de losse kopers. Dat zijn al degenen die zonder eigen overslagruimte of ‘box’ op de veiling kopen.
De aanvoer kan worden verplaatst naar het verdeelcentrum. De afvoer voor losse kopers zou naar het huidige verdeelcentrum kunnen worden verplaatst, en gedeeltelijk naar de nieuwe fase D. Met de verhuizing naar C komt de capaciteit op honderd verdelers en dat geeft de logistiek weer lucht.
Op het eerste gezicht lijkt de ingreep een eenvoudige, maar hij zal gepaard gaan met een volledige herziening van de interne stromen. Vooral de wijziging van het systeem met automatisch geleide trekwagentjes (AGV’s) voor de aanvoer van produkten van de aanvoerhal naar de klok zal veel denkwerk vergen.
Voorts adviseert Districon nog een aantal kleine ingrepen in de diverse schakels teneinde de efficiency te verbeteren. Zo zal de laadruimte voor de losse kopers een belijning krijgen, waarmee elke koper binnen een begrensd vak zal moeten laden.

Onmogelijk

Grootscheepse logistieke veranderingen zijn onmogelijk gezien het specifieke karakter van Bloemenveiling Berkel. Berkel is, anders dan de grote zusters Aalsmeer en Westland, geen veiling waar giganten als Zurel en Baardse hun inkopen plegen te doen. Die ondernemingen kopen enorme partijen tegelijk.
Berkel is meer gericht op de kleinere en middelgrote kopers. Die wensen veelal kleine hoeveelheden uit een breed assortiment. De detaillisten vormen met een kleine 100 miljoen gulden aan inkoop de belangrijkste groep voor Berkel. Daarom heeft Berkel gemiddeld per stapelwagen produkten zeven transacties, voor een veiling als Westland is dat ruim twee.
Een tweede belangrijke belemmering om logistieke planning te optimaliseren, is de fluctuatie die door het jaar heen optreedt. De aanvoer varieert van 1.200 stapelwagens op hele warme, dus slappe, dagen tot 3.000 juist voor de Moederdag.
Elderman: “Het KNMI kan het weer al niet voorspellen, laat staan dat wij er een pijl op kunnen trekken.” De invoering van bij voorbeeld een systeem voor planning van capaciteit en hulpmiddelen voor de distributie (DRP-systeem) is derhalve onhaalbaar.

Fusie

Sinds kort berust de coordinatie van de aanvoer bij bloemenveiling Westland. Deze en Veiling Berkel fuseren eind dit jaar officieel indien de ledenvergaderingen op 12 september aanstaande akkoord gaan met het fusievoorstel. Vooralsnog verandert de samensmelting voor de logistiek van beide veilingen nauwelijks iets. Het beheer van de stapelwagens (een kapitaal van 100 miljoen gulden) en de verpakkingen geschiedt al centraal. Aan de interne processen zal de fusie weinig veranderen.
Wel bestaat de mogelijkheid dat de veilingen goederen op en neer laten rijden om kopers die op beide veilingen partijen kopen, terwille te zijn.

Door Peter Olsthoorn

– De uitbreiding van de Bloemenveiling Berkel kost circa 21 miljoen gulden.