Via creatieve en
aggressieve acquisities heeft Bollore een klein imperium weten op te bouwen
met als belangrijke exponent de grote Franse expediteur SCAC, die ook in
Nederland actief is.
Onder druk van de snel veranderende scheepvaartmarkt en de dreiging van
Bollore, heeft Delmas de afgelopen jaren een indrukwekkend investerings- en
acquisitieprogramma uitgevoerd. Daarbij werd in modern tonnage geinvesteerd
voor de West-Afrika vaart, aslmede een ‘Francolines’ gerealiseerd door de
overname van twee Franse rederijen: NCHP en Chargeurs Reunis. De omzet steeg
fors tot FF 6,8 miljard in 1990 (winst FF 115 miljoen), ongeveer even groot
als de aktiva.
De avances van Bollore waren in het begin ogenschijnlijk vreedzaam en op
zich niet onlogisch. SCAC heeft een dominante positie als expediteur op Afrika
en Delmas Vieljeux als containerreder. Een voor de hand liggende combinatie.
Bollore wilde in het voorjaar van 1989 zijn SCAC ruilen tegen aandelen in de
financiele houdstermaatschappij van Delmas, en zo groot-aandeelhouder worden.
Tristan Vieljeux zou president blijven, maar deze wantrouwde de bedoelingen
van Bollore. (Waar heb ik dat meer gehoord?)
Analogie
Er zijn vele overeenkomsten, maar ook verschillen met de Nedlloyd/Hagen
controverse. Delmas heeft in de afgelopen elf jaar slechts eenmaal een
bescheiden verlies geleden (1987) en heeft een redelijke core-business
strategie. Bollore kwam met een fusievoorstel van zijn onderneming, die echt
potentie had, en niet met een plan, zoals Hagen.
Bollore had tot voor kort 22 procent van Delmas en vergroot nu zijn
aandeel tot 33,3 procent (boven de 35 procent moet hij volgens de Franse wet
een totaal bod doen). Hij is evenals Hagen voor het verkrijgen van een
meerderheid afhankelijk van een andere groep aandeelhouders die 26 procent
controleert.
Bollore zal zeker nu een fusie tot stand brengen met SCAC en de
bestaande lijndiensten eens kritisch tegen het licht houden. Hij heeft vijf
jaar de tijd gehad scenario’s te maken voor dit glorieuze moment. Hagen is
‘pas’ drieeneenhalf jaar bezig; misschien kan hij moed putten uit Bollore’s
succes, dat aantoont dat niet alleen de aanhouder wint, maar ook de
aandeelhouder (althans voor het ogenblik).