Ter herinnering: volgens de eerste budgettaire ramingen voor 1992 is praktisch iedere vierde D-mark – van een totaal budget van 422 miljard DM (plus drie procent ten opzichte van 1990) – voor Oost-Duitsland bedoeld.
Hoe lang kan het rijke West-Duitsland dit nog volhouden? Die vraag wordt door veel Westduitsers gesteld. Zij hebben er grote moeite mee dat een stuk(je) van hun zo geliefde welvaart aan de arme broers en zusters in het oosten ‘wordt geschonken’.
Vooral de verkeers- en vervoersector moet van die overheveling profiteren. De volledig verouderde, verloederde infrastructuur in de voormalige DDR vormt een van de grootste obstakels voor een snelle wederopbouw van Oost-Duitsland. Volgens eerder gemaakte ramingen van de EG is er zeker 200 miljard DM nodig om de infrastructuur in het oosten op het niveau van het westen te brengen.
Gunther Krause, minister van Verkeer in Duitsland, heeft voorlopig veertig miljard uitgetrokken, overigens het hoogste bedrag dat ooit werd gereserveerd voor de vervoerssector. Voor de komende jaren is in principe al besloten dat dat bedrag fors zal worden verhoogd.
Behalve het officiele verkeersbudget is er ook nog een ad-hoc-programma. Hierbij gaat het om een bedrag van zeker 24 miljard DM. Met dit geld moeten de meest dringende maatregelen worden genomen. Het programma richt zich primair op de gemeentes, die daardoor een snel en onbureaucratisch beroep kunnen doen op geld.
Feit is dat het grootste deel van het geld voor de infrastructuur naar het oosten gaat. Daardoor liggen de wegenbouwactiviteiten in het westen stil of worden ze over een langere periode uitgesmeerd.

Snelwegen

In 1992 is er voor de wegenbouw 8,4 miljard DM beschikbaar. Tot 1995 loopt dat op tot 11,9 miljard DM. Voor het eerst worden er in het oosten van Duitsland nieuwe snelwegen aangelegd. Te denken valt dan onder andere aan een weg tussen Lubeck en de Poolse grens bij Stettin. Als het goed is, wordt nog volgend jaar met de bouw begonnen.
Voor de secundaire wegen is in 1992 en 1993 respectievelijk 1,7 miljard DM en 6,3 miljard DM beschikbaar. Ook hier geldt dat verreweg het grootste deel daarvan richting Oost-Duitsland gaat. Wat in het westen van Duitsland en de rest van de EG standaard is, geldt niet voor de ex- DDR: er zijn praktisch geen ringwegen om de grote steden. Het verkeer gaat vaak dwars door de stad.
Ook de Deutsche Reichsbahn krijgt vanuit Bonn een financiele injectie: in 1992 een slordige 8,2 miljard DM, oplopend tot 11,7 miljard DM in 1995.

Particulier

Vaststaat inmiddels dat Bonn voor de bouw van de snelwegen particulier kapitaal zoekt. Bij de financiering kan zelfs een beroep worden gedaan op een ‘leasing-‘ of ‘concessie-model’. Een ding staat vast: er komt geen Autobahnbenutzungsgebuhr.
Private middelen zijn een must om er nog iets van te maken. Gemeentes, deelstaten en de centrale overheid hebben inmiddels een record-schuld van 1,6 biljoen DM. Een verder beroep op de kapitaalmarkt is nog maar beperkt mogelijk.
De mogelijkheid om de belastingen nog meer te verhogen is eveneens beperkt. Sinds 1 juli zijn de accijnzen op alle soorten brandstof al drastisch verhoogd. Met ingang van 1 maart jl. werd de motorrijtuigenbelasting voor vrachtwagens en aanhangwagens verhoogd. Deze laatste maatregel was nodig omdat de ‘Strassenbenutzungsgebuhr’ niet doorging.
Het Bundesverband des Deutschen Guterfernverkehrs (BDF) heeft in de afgelopen maanden herhaaldelijk geprotesteerd. De BDF herinnert eraan dat op Europees niveau nog steeds geen vooruitgang is geboekt bij de harmonisering van de verschillende belastingen. Met name het onderwerp ‘wegenkosten’ is nog steeds niet opgelost. De BDF vreest dat veel bedrijven, vooral ook in de ex-DDR, failliet gaan. Alleen al de accijnsverhoging per 1 juli jl. belast de vervoerssector voor een miljard DM extra.

BTW omhoog

Vast staat dat met ingang van 1 januari 1993 ook de BTW omhoog moet. Besloten is in dit stadium een verhoging met een procent naar vijftien procent. Maar besproken wordt ook een verhoging van twee procent.
Een eindeloze verhoging van de belastingen is ook om een andere reden niet mogelijk. In 1994 zijn er nieuwe verkiezingen in de Bondsrepubliek. De jongste verhogingen hebben de regeringspartijen al veel sympathie (en dus stemmen) gekost.