Stroppenpot Fenex amper gebruikt
Crisis en faillissementen van expediteurs. Toch heeft het Fenex-garantiefonds dit jaar nog geen enkele claim van gedupeerde verladers ontvangen. Dat zegt directeur Liesbeth Slappendel van de brancheorganisatie van expediteurs (Fenex).
Wel heeft een aantal vervoerders zich in het kader van het faillissement van Ebrex gemeld, maar die heeft ze moeten teleurstellen. ‘Dit fonds is ingesteld voor de opdrachtgevers van expediteurs die gedupeerd zijn doordat zij als gevolg van een faillissement twee keer hebben moeten betalen voor hetzelfde vervoer of op de een of andere manier extra transportkosten hebben moeten maken als gevolg van het faillissement van een van onze leden en de vrachtpenningen al hadden overgemaakt', legt Slappendel uit.
In de praktijk blijken het vooral de vervoerders te zijn die bij het garantiefonds aankloppen bij het faillissement van een expediteur, aldus de Fenex-directeur. ‘Een hardnekkig misverstand, want de vervoerders werken weer in opdracht van de expediteurs en daarvoor is het garantiefonds niet ingesteld. De transporteurs vangen dan ook bot. Het fonds is er alleen voor de verladers, niet voor de vervoerders. Wellicht is het belangrijk om dat nog eens te benadrukken.'
Slappendel heeft geen verklaring waarom zich in deze crisistijd nog geen verladers hebben gemeld voor het garantiefonds. De onbekendheid met het fonds zou volgens haar een verklaring kunnen zijn maar zij wijst er gelijktijdig op dat haar organisatie het bestaan van het garantiefonds en de condities regelmatig onder de aandacht van de verladers heeft gebracht. ‘Het is een van de voordelen die verladers hebben die zaken willen doen met een van onze vierhonderd leden. Je mag dan ook veronderstellen dat de regels bekend zijn bij de verladers die in zee gaan met een Fenex-expediteur.'
Slappendel wijst er op dat de Groningse importeur van trampolines, die recent door het faillissement van Ebrex zijn lading zag geconfisqueerd en gewoon nog een keer voor het vervoer heeft moeten betalen bij de door de expediteur ingeschakelde transporteur. ‘De verlader had dat bedrag vervolgens bij het garantiefonds kunnen claimen omdat hij bij Ebrex al een keer voor het vervoer had betaald', verklaart zij. Daarmee zou de verlader direct kunnen beschikken over zijn lading en kreeg de vervoerder, die niet door Ebrex was betaald, zijn geld alsnog uitgekeerd.'
Welk bedrag er in de stroppenpot van Fenex zit, wil Slappendel niet zeggen. Zij wijst er wel op dat er naast het garantiefonds bij de brancheorganisatie ook nog andere reserves zijn, die kunnen worden aangesproken als het claims gaat regenen. ‘Het is dan ook niet zo dat wij direct bij de leden aankloppen wanneer er geen geld meer in het fonds zit, onderstreept de Fenex-directeur. ‘Dat gebeurt slechts in noodgevallen, wanneer het garantiefonds en de reserves zijn opgesoupeerd. Dan wordt naar rato een bijdrage gevraagd van de vierhonderd leden. Het gaat om kleine bedragen. De bedrijven zullen daar zeker geen buil aan vallen', voegt Slappendel er voorzichtigheidshalve aan toe.
De laatste jaren is er door verladers nauwelijks een beroep gedaan op het fonds. In 2008 werd er welgeteld een claim van een verlader bij een failliete luchtvrachtagent gehonoreerd. De reserves en het garantiefonds worden elk jaar aangevuld. Voorlopig zit er dan ook genoeg in de pot.Toch durft Slappendel niet te garanderen dat dat voor het hele jaar zo zal blijven. ‘Wij moeten voorzichtig blijven. Partijen hebben tot en met maart volgend jaar de tijd om claims in te dienen over 2009. Er kan dan ook nog van alles gebeuren.'
De claims die de Fenex over een jaar binnenkrijgt, worden rond mei/juni van het jaar daarop behandeld door een speciale commissie, bestaande uit vertegenwoordigers van de EVO, Fenedex en partijen die de Fenex aanstelt. Zij bekijken elke claim op zijn merites en nemen aan de hand van de regels een gezamenlijk besluit.
Peter Ruyter, hoofd juridische zaken bij verladersorganisatie EVO bevestigt het beeld van Slappendel. ‘Verladers die rechtstreeks gedupeerd zijn door de ondergang van een expediteur, heb ik nog niet aan de telefoon gehad. Of ze zijn er niet of zij kennen de regels niet goed', zegt hij. ‘Wel ontvangen wij vragen van verladers als een vervoerder is omgevallen zoals recent bij De Vries Transport en er beslag wordt gelegd op lading.'
Ruyter vermoedt dat de reden voor het uitblijven van claims toe te schrijven is aan het feit dat voorlopig alleen kleine expediteurs zijn omgevallen. ‘Dat zijn agenten die het vervoer doorzetten op een kleine vervoerder of charteren. Onze leden kopen dat zogeheten ‘een-op-een'-vervoer direct in bij de transporteur. Daarnaast schakelen onze verladers alleen bij multimodaal vervoer een expediteur in. Dan kom je al snel bij de grotere expediteurs uit en daar zijn nog geen faillissementen gevallen.'
Of het garantiefonds daarmee nauwelijks nut heeft, wil Ruyter niet zeggen. ‘Het kan nooit kwaad de regels nog een keer tegen het licht te houden, maar ook is het wellicht nuttig er meer aandacht voor te vragen. De laatste informatiecampagne van de EVO dateert van 2003. Daarnaast is het natuurlijk een taak voor de Fenex om de gebruikers te informeren. De leden bieden een bepaalde vorm van zekerheid met het garantiefonds en onderscheiden zich daarmee van de rest.'
Bekijk hier het Fenex-reglement:
| Fenex reglement-Nieuwsblad Transport. |
Helaas is het nieuws van deze bron op dit moment niet beschikbaar.






