Het Limburgse Sif wil ook onderdelen van offshore windmolens aan Taiwan gaan leveren. Dat heeft het bedrijf donderdag bekend gemaakt.

Het wil daarvoor een joint venture opzetten met het Taiwanese Century Wind Power, een van de grootste leveranciers van constructiestaal in het land. Daarmee speelt het Nederlandse bedrijf in op het besluit van de Taiwanese overheid om voor 2025 offshore windparken met een gezamenlijk vermogen van drie Gigawatt aan te laten leggen.

De joint venture gaat zich richten op de levering van monopiles (funderingspalen) en transition pieces, die de verbinding tussen de fundering en de windmolenmast vormen. Tot het moment dat de vraag naar deze onderdelen in Taiwan structureel wordt, zullen ze in Nederland gefabriceerd en in Taiwan gecoat worden.

De monopiles worden in de nieuwe fabriek op de Rotterdamse Maasvlakte geassembleerd en van daaruit verscheept. Recentelijk bleek bij de presentatie van  de halfjaarcijfers dat het bedrijf zich heeft verkeken op de aanloopkosten van de nieuwe vestiging, wat leidde tot een forse koersval van het aandeel op de beurs.

Laatst gewijzigd: 14 september 2017 12:46