De Belgische administratie heeft de eerste twee vergunningen voor gecentraliseerde douane-aangifte door logistieke bedrijven uitgereikt. Dit is een Europese primeur.

Minister van financiën Johan Van Overtveldt maakte dit bekend tijdens een douanecongres in Antwerpen. 'De aangiftestroom wordt daarmee losgekoppeld van de goederenstroom. Daardoor kan de aangever dus om het even waar in de EU zijn aangifte indienen, los van waar de goederen fysiek aangeboden worden', verduidelijkt Stephan Vanfraechem, directeur bij Alfaport-Voka, de koepelvereniging van de Antwerpse havenbedrijven. De primeur beperkt zich wel tot logistieke bedrijven, voor industriële ondernemingen was dit al langer mogelijk.

Een andere nieuwe maatregel is geen primeur, maar maakt een achterstand van tien jaar ten opzichte van Frankrijk en Nederland goed. Hij betreft de zogenaamde 'directe vertegenwoordiging.' Die maatregel is met onmiddellijke ingang van kracht gegaan. 'Met directe vertegenwoordiging kan er bij douaneaangiftes sneller worden gehandeld en verschuift de aansprakelijkheid van douaneaangiftes van de douane-expediteur naar de opdrachtgever. Daarmee valt een belangrijk concurrentienadeel weg voor de Belgische expeditiebedrijven en komen hun financiële risico's op hetzelfde niveau te liggen als dit van hun concurrenten in Frankrijk en Nederland.'

In het verleden kon de douane op lange termijn eventuele schulden verhalen op de expediteur, die de douaneprocedures had uitgevoerd in plaats van op de eigenlijke opdrachtgever. Als die opdrachtgever intussen was verdwenen, dan moest de Belgische expediteur deze douanekosten zelf ophoesten. Omdat hij zich daar niet tegen kon verzekeren, moest hij dit risico in zijn tarieven verrekenen. 'De nieuwe maatregel beïnvloedt dan ook in gunstige zin de keuze door industriële en logistieke ondernemingen om goederen via Belgische expediteurs en Belgische zee- en luchthavens in- of uit te voeren.'

Laatst gewijzigd: