De problemen rond het vrachtvervoer van Martinair en KLM lijken geen invloed te hebben op de exportresultaten van de Nederlandse luchtvrachtsector.

Dat laten de IATA-cijfers over 2014 duidelijk zien. Het herstel uit 2013 (6%) in exportvolume zette de branche vorig jaar onverminderd voort met een groei van bijna 10%. De omzet steeg zelfs met ruim 15% naar 518 miljoen euro.

De Nederlandse luchtvrachtexpeditie, geholpen door een aanzienlijke input uit het buitenland, schakelde vorig jaar gewoon een tandje bij en liet de internationale concurrentie in Duitsland en Frankrijk ver achter zich. Die demarrage zat al enigszins verborgen in het overslagrecord van 1,6 miljoen ton dat Schiphol begin van dit jaar presenteerde en dat een toename was van 6,7% vergeleken met 2013. Het goede nieuws uit de IATA exportcijfers van vorig jaar is nu dat deze groei van de vrachtoverslag voor een groot deel op het conto van de export kon worden geschreven. In totaal werd via de Nederlandse luchthavens op luchtvaartmaatschappijen van de IATA 482.571 ton geboekt. Dat is vergeleken met het laatste crisisjaar 2013 al gauw een toename van 15%. Een topprestatie voor de marktplaats Schiphol.  

In totaal telde het Nederlandse IATA-overzicht vorig jaar ruim 500 bedrijven die luchtvrachtzendingen via Schiphol boekten. Daarbij valt het op dat steeds meer buitenlandse filialen van grote internationale expediteurs, wholesalers en ladingaanbieders gebruikmaken van de Nederlandse luchthaven als gateway voor exportlading. Schiphol is dan ook nog steeds door een mix aan veel vrachtbestemmingen, lage afhandelingstarieven en een sterke en vindingrijke expeditiebranche populair. Van die 500 logistieke dienstverleners hebben maar 20% de Nederlandse IATA top 100 gehaald. Fracht FWO was daarbij vorig jaar de hekkensluiter met 510 ton. Dat zou het bedrijf in 2013 een 90ste positie hebben opgeleverd op de IATA-lijst. Een teken dat het gemiddelde vrachtvolume nog steeds in de lift zit. Zo had het bedrijf Varekamp twee jaar geleden aan 450 ton geboekte lading genoeg om de IATA-lijst af te sluiten.

De IATA top 100 laat ook over 2014 een aantal opvallende verschuivingen, nieuwkomers en verliezers zien.  Verdwenen is J-Air, dat zich geheel heeft toegelegd op de vrachtverkoop voor JAL Cargo. Daarnaast komen de bedrijven Seltech, vorig jaar nog nummer 33, en Damco, niet meer voor op de lijst. De expeditiedochter van het Deense Maersk was in 2013 goed voor een 75ste plek, maar is op het overzicht van de IATA geheel verdwenen. Damco op Schiphol is zelf verrast over die ontwikkeling. ‘We bestaan nog steeds en hebben vorig jaar gewoon onder ons oude luchtvrachtnummer lading geboekt bij luchtvaartmaatschappijen van de IATA’, zegt een verbaasde woordvoerder van Damco. Hij vermoedt dat er iets mis is gegaan bij de administratie van de boekinggegevens bij IATA zelf. 

Winnaars
De kopgroep op de lijst vorig jaar telde hoofdzakelijk winnaars. Zo lijkt DHL Global Forwarding, de nummer twee in de Nederlandse markt, zich hersteld te hebben van een aantal bijzonder slechte jaren. Het volume van de Duitse expediteur steeg met 25% en bracht DHL, ooit de onbetwiste koploper op Schiphol, weer op het niveau van 2012. De omzetstijging was met bijna 60% nog opmerkelijker en laat zien dat de dochter van de Deutsche Post niet tegen elke prijs meer lading heeft willen binnenhalen. 

DHL heeft daarmee de tweede plek op de Nederlandse IATA-lijst weten te consolideren maar ook niet meer. De achterstand op koploper Kuehne+Nagel (K+N) is nog steeds erg groot met ruim 30.000 ton. De Zwitserse marktleider wist daarnaast met een volumetoename van 15% ook vorig jaar weer een sterke prestatie neer te zetten en komt langzaam in de buurt van een exportvolume van 70.000 ton. Daarmee is het geboekte IATA luchtvrachtvolume van K+N over 2014 ruim 40% groter dan dat van de nummer twee. Qua exportomzet is het gat tussen de twee grote rivalen met tien miljoen euro minder groot en loopt DHL vergeleken met 2013, toen het verschil achttien miljoen euro was, ook een deel van de achterstand in. Dat heeft echter voor een groot deel te maken met de vijver waarin de twee bedrijven vissen. K+N is sterk gericht op de minder renderende perishable-markt, terwijl DHL het hoofdzakelijk moet hebben van hightech met een hoger kilotarief. 

In de topdrie was het Amerikaanse UPS verder de grote ster met een groei van de tonnage van ruim 40%. Daarmee verdrong het Rhenus Logistics meteen ruimschoots van de derde plaats. De Duitse expediteur, het oude Road Air, was de grote verliezer in de topvijf met een volumeverlies van 5,4%. Geen dramatisch verlies, maar toch een behoorlijke afname vergeleken met de terreinwinst die de concurrentie vorig jaar pakte. Met een Nederlandse markt die vorig jaar gemiddeld met 10% in volume groeide, verloor Rhenus marktaandeel. Een pleister op de wond was voor de expediteur dat het verlies aan tonnage niet leidde tot omzetverlies. De omzet steeg met 7,5% naar bijna 25 miljoen euro. 

Ook voor Copex Air, het zusterbedrijf van Rhenus, was 2014 een minder jaar. Het volume daalde met bijna een vijfde, terwijl de agrarische specialist verder 12,5% van de omzet inleverde vergeleken met 2013. Het verlies zorgt ervoor dat Copex Air nog maar de tiende plek inneemt op de Nederlandse IATA-lijst. 

Verlies was er ook voor Geodis Wilson (-17,2%) dat in de top tien twee plekken moest inleveren en op negen uitkwam. Daarmee lijkt even een einde te zijn gekomen aan de opmars die de Franse expediteur de afgelopen jaren had ingezet op de Nederlandse IATA-lijst.

Het Zwitserse Panalpina lijkt intussen een reservering te hebben op plaats vijf in de Nederlandse luchtvrachtsector. Het is lang geleden dat de Zwitserse expediteur een andere positie innam. Toch wist de expediteur ondanks dezelfde plek het volume vorig jaar uit te bouwen met 20% bij een omzetgroei van 11%. Daarmee is hij nog maar 1.600 ton verwijderd van het volume van Rhenus. 

Het Amerikaanse Expeditors en het Duitse Schenker pakten ook winst met respectievelijk 32,5% en 20% meer volume. Daarmee schoof Expeditors twee plaatsen op naar een zesde plek op de ranglijst, terwijl de groei Schenker de achtste plek opleverde. 

Nederland op elf
Ook in 2014 wist geen enkele Nederlandse luchtvrachtexpediteur door te stoten tot de toptien, die eigenlijk een onderonsje blijft tussen hoofdzakelijk Zwitserse, Duitse en Amerikaanse logistieke dienstverleners. Op plaats elf kwam het bedrijf van Aviair van de Nederlandse zalmexporteur Ronald Branderhorst er nog het dichtst bij. De ondernemer zag vorig jaar het luchtvrachtvolume met een kwart groeien en lijkt nu langzaam aan de deur van de toptien te kloppen. Samen met Blue Sky Cargo, huisexpediteur van veilingbedrijf The Greenery, TNT, wholsesaler IAA en VCK is Aviair nu het Nederlandse accent in de subtop van de IATA-lijst.

Laatst gewijzigd: