Vorig jaar werd in Nieuwsblad Transport al voorspeld dat Schiphol een record in het vizier had.

Een jaar later is het oude vrachtrecord uit 2007 inderdaad aan flarden geschoten met klinkende vrachtcijfers: de overslag steeg met 6,7% naar 1,6 miljoen ton. 

Uit de IATA-cijfers over 2014 blijkt nu verder dat de Nederlandse luchtvrachtexport nog sterker steeg. Het volume lag 10% hoger dan in 2013 en de omzet steeg zelfs met ruim 15% naar ruim een half miljard euro. Klinkende cijfers voor een markt die in 2012 nog krimp liet zien. 

Deze vertrouwelijke vervoerscijfers van de IATA-CASS, de bank die het betalingsverkeer regelt tussen luchtvaartmaatschappijen en expediteurs, bevestigen dat Schiphol het succes over 2014 niet alleen dankt aan een stuk import en transito, maar dat de Nederlandse luchthaven in de Europese export een steeds grotere rol opeist. Dat samenspel maakt van Schiphol logistiek juist zo’n interessante propositie. 

De meeste expeditiebedrijven hebben van die aantrekkelijke propositie vorig jaar kunnen profiteren, blijkt verder uit de IATA-cijfers. Het aantal expediteurs met een volumegroei van 20% tot 40% was vorig jaar extreem hoog. Daarnaast hebben zich weer nieuwe spelers gemeld in de IATA-top-100 zoals Asian Transport en Clearfreight. Een andere verrassende ontwikkeling is dat logistiek dienstverlener Penske weer zelf actief is geworden in forwarding in plaats van het uit te besteden. Schiphol oefent verder een steeds grotere aantrekkingskracht uit op buitenlandse bedrijven zonder een eigen vestiging op de luchthaven. Deze ladingaanbieders en bemiddelaars kiezen niet voor niets voor Schiphol als gateway voor hun exportzendingen in plaats van de eigen nationale luchthaven.
 
Natuurlijk laten de IATA-cijfers slechts een deel van de luchtvrachtmarkt zien en bijvoorbeeld niet hoe winstgevend de export eigenlijk is. De export moet echter worden gezien in het samenspel van opslag, distributie, douaneafhandeling, import en doorvoer en in die context zijn de vervoersgegevens een sterke aanwijzing dat het met de marktplaats Schiphol en de Nederlandse expeditiesector al twee jaar crescendo gaat. 

Daaruit zou de eigen overheid en wellicht ook de nationale carrier lering kunnen trekken. Klaarblijkelijk zit er in de Nederlandse expeditiesector voldoende kennis, ondernemersgeest en ervaring om van deze relatief kleine nationale bedrijfstak een successtory te maken in de Europese luchtvrachtmarkt. Dat heeft de vrachtdirectie van Schiphol, met als grote inspirator de vorig jaar vertrokken Ad Rutten, goed gezien toen ze bijna tien jaar geleden de expeditie en niet de luchtvaartmaatschappij centraal zette voor de vrachtontwikkeling van de luchthaven.

De luchtvrachtexpeditie staat er in Nederland goed voor en de verwachting van veel vrachtmanagers op Schiphol is dat het feest dit jaar gewoon doorgaat. Groeipercentages van 18% tot 50% worden door managers voor dit voorjaar gemeld en Penske, een van de winnaars op de IATA-lijst van 2014, heeft al een plek gereserveerd in de top-10. Er lijkt dus veel vertrouwen te zijn bij de expediteurs op Schiphol. Dat optimisme steekt schril af tegen de 200 miljoen euro verlies van de vaderlandse luchtvrachtvervoerder KLM vorig jaar, het gesteggel rond de vrachtvloot van Martinair of de juridische procedures om Lufthansa Cargo de toegang tot bloemenvluchten op Schiphol te ontzeggen of de stroperige discussie of Nederland wel of niet aan buitenlandse vrachtcarriers meer landingsrechten moet toekennen.

Laatst gewijzigd: