Het kabinet ondersteunt EU-plannen voor bevordering van multimodaal vrachtvervoer. Hiermee willen Den Haag en Brussel het gebruik van wegtransport ontmoedigen en schonere vervoersvormen stimuleren.

De EU maakte vorige maand bekend dat het gebruik van multimodaal vrachtvervoer niet snel genoeg toeneemt. Dit beleid is erop gericht om de overgang van wegvervoer naar andere transportvormen met lagere emissies te bevorderen. Deze overgang wil echter niet zo vlotten.

De Europese Commissie wil daarom onder meer dat lidstaten investeren in overslagterminal voor intermodaal vervoer en dat de minimale lengte van het niet-weg gerelateerde vervoer vervalt. Ook moeten de nieuwe regels gaan gelden voor intermodaal vervoer dat niet grensoverschrijdend is en voor vervoer dat van buiten de EU komt. Ook moet er een onafhankelijke toezichthouder komen, die bekijkt of de richtlijnen juist worden uitgevoerd.

Het Nederlandse kabinet ondersteunt de plannen. 'In het regeerakkoord is bevestigd dat de binnenvaart en de spoorwegen een belangrijke bijdrage leveren aan het beperken van toenemend goederenvervoer over de weg. Het stimuleren van intermodaal vervoer past in die lijn', is te lezen in een brief aan de Tweede kamer.

Wel worden kanttekeningen geplaatst bij de plannen. Zo zou het schrappen van de minimumafstand van het over de zee, binnenwateren of spoor af te leggen traject, in combinatie met de uitbreiding naar binnenlandse operaties tot misbruik kunnen leiden. Daarnaast kan het in het leven roepen van een toezichthoudende autoriteit zorgen voor extra bestuurslast, denkt het kabinet. Ook wordt gewezen op het belang van een eerlijk speelveld tussen havens en terminals.

Laatst gewijzigd: 18 december 2017 11:59