Spooroperator Hupac verwerkte tussen januari en mei dit jaar 7,8% meer lading, maar vreest dat de groei in de tweede jaarhelft stagneert.

Het bedrijf uit Chiasso zag de ladingvolumes die via de Zwitserse routes werden vervoerd zelfs met 9,3% toenemen. Dat was te danken aan de opening van de Gotthard-basisspoortunnel. Die verkort de reistijd en maakt vervoer met langere en zwaardere treinen mogelijk.

Helaas kunnen de voordelen van de Gotthard-basistunnel onvoldoende worden benut als gevolg van hindernissen in met name Duitsland, zegt Hupac-bestuursvoorzitter Hans-Jörg Bertschi. Volgens hem wordt '90% van de tijdwinst weer verknoeid door wachttijden aan de Zwitsers-Duitse grens'.

Dat komt volgens Bertschi doordat in Duitsland nog het oude 'Fahrplan', de dienstregeling van vóór de nieuwe Gotthard-tunnel, wordt aangehouden. De netbeheerders in Europa, vooral die in Duitsland en Italië, stemmen hun planning nog te weinig met elkaar af.

Bertschi pleit voor één centrale planning van het netbeheer over de gehele route in de corridor Rotterdam-Genua. Maar 'terwijl alle anderen hun huiswerk hebben gedaan, sukkelt Duitsland achteraan'. Bertschi hekelt onder meer ook het feit dat terwijl de routes door Zwitserland nu geschikt zijn voor treinen met een lengte van 750 meter, in Duitsland de lengte nog tot 2030 beperkt blijft tot 690 meter. 'Dat kost per trein 8% van de capaciteit.'

In de rest van het jaar denkt Hupac de groeicijfers van de eerste vijf maanden zeker niet te halen. Dat heeft te maken met beperkingen op het Luino-traject, dat de komende tijd wordt aangepast aan het 4 meter-profiel. Deze beperkingen zullen tot 2020 duren.

De Luino-route is normaal gesproken goed voor 60% van alle grensoverschrijdende spoorvervoer door Zwitserland. Operators zullen nu meer moeten uitwijken naar de route via Domodossola, nu goed voor 30% van het Zwitserland-vervoer, en via Chiasso, dat nu 10% van dit vervoer voor zijn rekening neemt.


Laatst gewijzigd: 21 juni 2017 10:29