Qatar is een belangrijke partner voor de maritieme sector in Nederland. Koningin Beatrix ging er in maart op staatsbezoek om de banden aan te halen.

Monarchen onder elkaar, zij prijzen elkaars goedheid en wijsheid. Door haar bezoeken aan de sultan van Oman en de emir van Qatar heeft koningin Beatrix in maart goodwill gekweekt voor de maritieme sector in Nederland.

Anders dan koningen in Europa hebben sultans en emirs in de Arabische wereld nog échte macht. Voor de handel met die landen is het dus zaak ze te vriend te houden. Voor de bühne mogen de ontmoetingen tussen staatshoofden nogal archaïsch overkomen, op de achtergrond spelen wel degelijk grote belangen.Het verhaal van Oman is bekend: het Havenbedrijf Rotterdam (HbR) is daar via een joint venture met de overheid betrokken bij de ontwikkeling van de haven van Sohar.

In het kielzog van het HbR zijn meerdere Nederlandse bedrijven actief geworden in het sultanaat aan de Arabische Zee, zoals bijvoorbeeld Steinweg dat er een terminal heeft kunnen vestigen en het Scheepvaart- en Transportcollege (STC) dat jonge Omani’s opleidt voor een baan in de maritieme sector.

In Qatar zijn de contacten van wat latere datum en moet de samenwerking met Nederland nog wat meer handen en voeten krijgen. Al is er ook al veel gebeurd, zoals de koningin met eigen ogen kon aanschouwen toen zij er in het gezelschap van het kroonprinselijke paar te gast was. Ze was nog nooit zoveel Nederlandse ingenieurs tegengekomen. De koningin beaamde lachend dat ze ingenieurs nog nooit had gezien als exportproduct, maar dat ze dat misschien wel waren, aldus het ANP-verslag van het bezoek.

Die ingenieurs werken voor het merendeel in de energiesector, bij Shell bijvoorbeeld. Dat is Qatar: een woestijn met een enorme hoeveelheid olie en gas eronder. Winning, productie en export zijn er in staatshanden, ondergebracht bij bedrijven die al dan niet in joint ventures met buitenlandse energieconcerns als Shell werken.

Wat Qatar voor de Nederlandse maritieme industrie interessant maakt, zijn de havencomplexen die de export van olie en gas mogelijk maken. Ontwikkelen, baggeren, bouwen, beheren: bedrijven die zulke diensten bieden, kunnen in het emiraat een goede boterham verdienen. Niet voor niets reisden bedrijven als BAM, Van Oord en Boskalis in maart met Beatrix mee.Voor HbR is Qatar een gewilde partner in de gewenste ontwikkeling als energiehaven. In het bijzonder de status van het land als grootste exporteur ter wereld van lng is van betekenis. In Rotterdam opent dit jaar de Gate Terminal, de importterminal voor lng die Vopak samen met de Gasunie bouwt.
 
Voor de afname van het vloeibare gas heeft Gate al verschillende contracten, maar het lng moet ook ergens vandaan komen. Daar zijn de klanten van Gate overigens zelf verantwoordelijk voor.In Qatar ligt het grootste gasveld ter wereld, het zogenoemde North Field, ontdekt in 1971, met een duizelingwekkende voorraad van 900 biljoen kubieke meter gas. Bij het grootste gasveld ter wereld hoort ook de grootste exportfaciliteit ter wereld, en dat is de haven van Ras Laffan.

De haven van Ras Laffan is nog niet zo heel lang geleden in gebruik genomen: in 1996. Sindsdien is de haven verschillende malen uitgebreid, tot onlangs nog met een zesde steiger. Aan een aantal steigers kunnen de grootste lng-schepen van dit moment - de nieuwste generatie, bekend onder de namen Q-Flex en Q-Max - aanmeren. Die schepen zijn overigens gebouwd door en voor weer een andere onderneming die onder de paraplu van Qatar Petroleum opereert: Nakilat. De rederij heeft inmiddels meer dan vijftig schepen in de vloot.Momenteel heeft het havencomplex een doorzetcapaciteit van 77 miljoen ton lng per jaar. In de toekomst is de aanleg van nog vier steigers mogelijk, mocht de wereldwijde vraag naar lng toenemen. Het beheer van de haven is in handen van Ras Laffan Industrial City (RLC), ook een dochter van staatsbedrijf Qatar Petroleum, dat alle olie- en gasactiviteiten in Qatar controleert. Het Havenbedrijf Rotterdam werkt al sinds 2008 samen met RLC, maar in maart werd een nieuw ‘memorandum of understanding’ ondertekend. Koningin Beatrix was persoonlijk bij de ondertekening in Ras Laffan aanwezig.

De samenwerking houdt in dat RLC in de Rotterdamse haven gevestigde bedrijven ondersteunt in hun contacten met potentiële partners en klanten in Qatar. Het HbR stelt zijn kennis van het ontwikkelen, beheren en exploiteren van een haven- en industriecomplex ter beschikking aan RLC. De partners zullen ook andere gebieden van samenwerking onderzoeken, ‘tot wederzijds profijt’, zoals het HbR het in een verklaring over de overeenkomst formuleerde. Maar het uiteindelijke doel is om de goederenstromen tussen beide havens te vermeerderen.

Laatst gewijzigd: