Criminele bendes hebben meer belangstelling voor lading dan voor trucks. De bereidheid van de overheid om wat te doen tegen de criminaliteit in het wegvervoer neemt toe. Dat mag ook wel, want het probleem wordt ondanks een dalend aantal truckdiefstallen niet kleiner.

Het Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit werpt nieuw licht op diefstal in het wegvervoer. Er worden steeds minder vrachtwagens gestolen. Hoewel de cijfers van de diverse organisaties nogal verschillen, ontwaren zij dezelfde ontwikkeling. Truckdiefstal is uit. Daar staat een enorme stijging van gevallen van ladingdiefstal tegenover.

In de ‘Criminaliteitsanalyse van ladingdiefstallen in de wegtransportsector' constateert het Verzekeringsbureau Voertuigcriminaliteit (VbV) een lichte daling in het aantal aangiftes van diefstal van zware vrachtwagens. Tegenover 305 aangiftes in 2005 stonden er 276 in 2006. En dit jaar staat de teller na het eerste kwartaal op 51 aangiftes, dus de vooruitzichten op een verdere daling zijn gunstig.

 

Hetzelfde beeld doemt op uit de registratie van de aangiftes van de ontvreemding van vrachtwagens mét lading. Dat aantal bleef in 2005 en 2006 ongeveer gelijk (142 en 148), maar in 2007 is er nog maar 30 keer aangifte gedaan door bedrijven die én truck én lading kwijt waren. Al is enige voorzichtigheid hierbij gepast want de statistieken over 2006 leren dat de meeste voertuigdiefstallen in augustus en september plaatsvinden, en de minste in maart en april. Maar toch: sinds het hoogtepunt in 2002 worden er elk jaar steeds minder vrachtwagens gestolen. Althans, als we daarvoor het aantal aangiftes als maatgevend mogen aannemen. Het VbV stelt zijn overzicht samen op basis van de meldingen bij het Landelijk Transport Team van het Korps Landelijke Politiediensten (KLPD). Het werkelijke aantal ontvreemde voertuigen kan dus hoger liggen, waarschuwt het bureau. Vervoerders zijn beducht voor imagoschade en nemen in de praktijk het verlies van materieel nogal eens voor eigen risico.

 

Dat is het eerste smetje op het goede nieuws uit de criminaliteitsanalyse van het VbV. Ontnuchterend is de enorme stijging van ladingdiefstal - dus zonder truck of oplegger die uit de statistieken springt. Met een stijging van 98 gevallen van ladingdiefstal in 2005 tot 384 gevallen in 2006 stelt het bureau bijna een verviervoudiging vast. Kennelijk laten de dievenbendes de vrachtwagens links liggen en richten zij zich meer op de vaak waardevolle lading die ze bevatten. Meest begerenswaardige buit is audiovisuele apparatuur, die op nummer één staat in de top vijf van meest ontvreemde goederensoorten, vóór computerapparatuur en auto-onderdelen. Hoe duurder, hoe beter: onderzoeksbureau NEA stelde onlangs vast dat het totale schadebedrag in Nederland aan lading- en truckdiefstal 329 miljoen euro bedraagt. Opvallende uitkomst van het onderzoek van het BvB is dat verreweg de meeste lading uit vrachtwagens wordt gestolen door het zeil los te snijden. Volgens het bureau raakte deze methode in de loop van 2005 in zwang en is het nu de meest gangbare wijze om goederen uit trucks te stelen. Niet verwonderlijk is dat de meeste diefstallen zich langs de snelwegen richting het Europese achterland voordoen. Dat heeft het KLPD ertoe gebracht om in de zuidoostelijke provincies extra mankracht in te zetten om op de parkeerplaatsen te surveilleren en de organisaties achter de ladingdiefstallen bloot te leggen. Een lichtpuntje: inmiddels heeft die inzet geleid tot de aanhouding van meerdere verdachten. De statistieken over 2007 moeten uitwijzen of de georganiseerde misdaad daarmee een slag is toegebracht.

 

Frank de Kruif

Laatst gewijzigd: