Ongeveer tien jaar geleden heb ik over een ongeval met een Apache-helikopter een stukje mogen schrijven.

Op dat moment kon ik niet voorzien dat het tien jaar later weer raak zou zijn met een Apache-helikopter. De omstandigheden toen zijn op het eerste gezicht gelijk aan de omstandigheden van nu.

Op woensdagavond 12 december 2007 vloog rond half acht een Apache-helikopter tijdens een trainingsvlucht bij Hurwenen tegen een hoogspanningsmast. Hierdoor knapten verscheidene hoogspanningskabels. Daardoor kwamen ongeveer 50.000 huishoudens en vele bedrijven zonder stroom te zitten. Deze stroomstoring kon, door allerlei omstandigheden, pas na drie dagen met alle ellende van dien worden verholpen. Als gevolg hiervan is bijvoorbeeld de inhoud van vele koel- en diepvrieskasten bedorven. Hoe zit het nu met de huishoudens en bedrijven die door de stroomuitval schade hebben geleden? 

Indien men voor de schade die het gevolg is van deze stroomuitval zelf is verzekerd, zal men in eerste instantie de schade onder de eigen verzekering dienen te reclameren.
Opgemerkt moet wel worden, dat men de verplichting heeft om schade zoveel mogelijk te voorkomen en te beperken. Men moet zogezegd als goed huisvader handelen.
Voor huishoudens en bedrijven die hiertegen niet verzekerd zijn, staat de mogelijkheid open de geleden schade te verhalen op de eigenaar van de helikopter, in dit geval dus Defensie, oftewel de staat. De basis hiervoor is gelegen in een arrest van de Hoge Raad van 14 maart 1958 (NJ1960, 570), waarbij een militair vliegtuig van Defensie eveneens een hoogspanningskabel beschadigde.

De omstandigheden in dat geval waren als volgt. Een militair vliegtuig van Defensie moest in opdracht van hogerhand een duikvlucht uitvoeren. Daarbij werd een hoogspanningskabel stuk gevlogen. Het bleek dat men bij het verstrekken van deze opdracht door onachtzaamheid had nagelaten de piloot van het vliegtuig voldoende bekend te maken met het feit dat zich ter plaatse een hoogspanningskabel bevond. De Hoge Raad oordeelde dat het naar een normale gang van zaken was te voorzien dat het stukvliegen van de hoogspanningskabel tot gevolg zou hebben dat de bij het net aangeslotenen tijdelijk van stroom zouden worden verstoken en daardoor financiële schade zouden lijden. De persoon of personen voor wie Defensie aansprakelijk is en die aldus ter plaatse deze duikvlucht hebben doen uitvoeren, handelden daardoor in strijd met de zorgvuldigheid welke in het verkeer betaamt ten aanzien van de belangen van degenen die voor de toevoer van de stroom op de getroffen hoogspanningskabel waren aangewezen.

Voorts oordeelde de Hoge Raad, dat het aan de aansprakelijkheid van Defensie niet afdoet dat in dit geval de leverancier van de stroom krachtens de met de afnemers hiervan gesloten overeenkomst niet tot enigerlei vergoeding of schadeloosstelling is gehouden, indien de levering van stroom door welke oorzaak ook mocht worden gestoord.

De veroorzaakte schade in 2007 is uiteindelijk door defensie aan de benadeelden uitgekeerd. Het arrest uit 1958 is dus ook nu een prachtig wapen voor de benadeelden om de geleden schade op Defensie te verhalen.

Cor van Maurik, verzekeringsexpert

Laatst gewijzigd: