Al jaren wordt er gezegd dat schepen nu echt hun maximum hebben bereikt. Groter kan niet, want die schepen kunnen op steeds minder plaatsen nog terecht.

Maar de stranding van de ‘CSCL Jupiter’ op de Schelde deze week laat een ander beeld zien.

Er is inmiddels een aardig rijtje van containerschepen die zijn gestrand op de grote Europese getijdenrivier. Sinds 2011 liep er driemaal een MSC-schip aan de grond op de Westerschelde, op weg naar zijn thuishaven, wat Antwerpen zo’n beetje is voor de Zwitserse rederij. Eén van die ongevallen vond begin dit jaar nog plaats, toen de 203 meter lange ‘MSC Iris’ kortstondig vast kwam te zitten. 

Het voormalig China Shipping, dat onder de vlag van Coscocs nu schepen leaset aan fusiepartner Cosco Container Lines, heeft met de stranding van de ‘CSCL Jupiter’ (14.300 teu) nu twee van deze strandingen op zijn naam staan. In februari 2016 liep namelijk de containerreus ‘CSCL Indian Ocean’ (19.000 teu) vast op de Elbe.

De strandingen passen perfect in het geschetste beeld: de steeds grotere schepen kunnen in steeds minder havens terecht. Doordat de schepen groter worden neemt de manoeuvreerruimte immers af, wat het moeilijk maakt om de bestemming te bereiken. Het klinkt allemaal logisch, maar reders zien dat anders. Zij blijven hun immer groeiende schepen (vooralsnog) zowel de Schelde als de Elbe opsturen.

Volgens Havenbedrijf Antwerpen komt dat door het ladingaanbod. De haven bedient niet alleen een importerend achterland, maar levert door zijn grote industriële complex en vele loodsen en dc’s ook een stevige retourstroom op. Zoals Raymond Riemen van Broekman Logistics al eens zei: ‘Wie rederijen naar zich toe wil trekken moet lading aan zich binden.’ Dan komen de schepen vanzelf. Ook als een technische of menselijke storing direct resulteert in een stranding.

Toen MOL voor het eerst over de 20.000 teu grens ging klonk het inmiddels bekende geluid opnieuw: nu is de grens echt bereikt. Dat was (natuurlijk) niet het geval. CMA CGM is naar verluidt al in de running voor schepen van 22.000 teu. Maar in de nieuwste generatie schepen is feitelijk alleen sprake van capaciteitsvergroting. Schepen worden niet of nauwelijks groter meer. De extra laadruimte wordt in het schip gevonden. Antwerpen en Hamburg kunnen er dus gerust op zijn. Ook de nieuwste schepen kunnen hen bereiken. En zullen dat blijven doen zolang er voldoende lading is. 

Het enige risico dat de havens voorlopig lijken te lopen is dat zij, vanwege restricties in de diepgang, op den duur hun ‘first’ en ‘last port of calls’ verliezen. 

Laatst gewijzigd: 16 augustus 2017 11:12