De Europese Commissie zal er streng op toezien dat de hervorming van de Belgische wet op havenarbeid niet ontaardt in een rondje window dressing.

Dit toezicht lijkt vanzelfsprekend, maar minder gebruikelijk is de brief aan Belgisch minister van werk Kris Peeters (CD&V), waarin Europees transportcommissaris Violeta Bulc dit onderstreept.

Zakenkrant De Tijd kwam uit Europese 'bronnen' te weten dat Bulc de lopende Europese procedures tegen de zogenaamde wet Major pas stopzette onder druk van Europees Commissaris Marianne Thyssen en het kabinet van commissievoorzitter Jean-Claude Juncker. Thyssen en Juncker zijn allebei partijgenoten van Peeters. Voor ze in de actieve politiek stapte leidde Thyssen de studiedienst van Unizo. In die functie nam ze toen een veelbelovende jonge medewerker in dienst, Kris Peeters.

De band tussen Peeters en Thyssen is oud en hecht, maar elders bij de Europese Commissie werden de 'bluf en powerplay' die Peeters tentoonspreidde tegenover de Commissie niet gesmaakt. De aanpassingen die Peeters beloofde en nu stap voor stap invoert zijn 'erg soft en bestendigen de greep van de havenbonden op het systeem', vernam De Tijd. Spanje, dat zijn eigen regeling van de havenarbeid veel ingrijpender moest hervormen, zou bij het Europees Hof van Justitie kunnen aankloppen wegens ongelijke behandeling.

In haar brief benadrukt Bulc dat ze van nabij zal opvolgen of België de opgelegde voorwaarden en deadlines zal respecteren. Die houden onder meer in dat bedrijven vanaf juli 2020 geen enkele beperking meer hebben om personeel te rekruteren buiten de pool van erkende havenarbeiders. Ze eist ook dat de solidariteitsbijdrage die werkgevers betalen bestemd is voor alle havenarbeiders, niet alleen voor die in de pool. En het veiligheidscertificaat voor logistieke arbeiders, dat in de hervormde wet tot stand kwam, mag in de praktijk niet uitgroeien tot een nieuwe basis voor poolvorming.

Laatst gewijzigd: