Een meerderheid van de leden van de ondernemingsraad van APM Terminals Rotterdam (APMTR) heeft een klacht ingediend tegen FNV Havens bij het Federatiebestuur van de vakcentrale.

Die ongewone stap vloeit voort uit het hooglopende conflict tussen beide partijen, die gisteren tegenover in kort geding elkaar stonden voor de Rotterdamse rechtbank en waarin ze elkaar er en weer beschuldigden van leugens. Aanleiding was, zoals bekend, het sociaal plan dat APMTR met zijn ondernemingsraad heeft afgesproken en dat inmiddels door zo’n 80% van de werknemers is geaccepteerd.

FNV Havens eist dat het overslagbedrijf het plan, dat verregaande ontslagbescherming biedt, intrekt omdat het een regeling voor de hele Rotterdamse containersector zou blokkeren. De ondernemingsraad van APMTR is woedend over die stap en stelt dat de vakbond daarmee tegen de belangen van de eigen leden ingaat.

De zaak draait om een artikel in de cao van het bedrijf, dat bepaalt dat er alleen met de vakbonden afspraken over arbeidsvoorwaarden gemaakt kunnen worden. De advocaten van APMTR en diens ondernemingsraad betoogden dat het gewraakte artikel het maken van aanvullende afspraken niet uitsluit.

Ze wezen erop dat de directie in het verleden ook afspraken met de ondernemingsraad gemaakt heeft, onder meer over vergoedingen, en dat de vakbonden zich daar niet tegen hebben gezet. Een raadsvrouw van FNV en CNV ontkende dat, uiteraard: ‘De vakbonden hebben geen kennis van  zulk soort regelingen’.

Het conflict lijkt de vanouds sterke positie van de FNV in de Rotterdamse haven te ondergraven. Volgens een van de APMTR-advocaten hebben inmiddels tientallen FNV’ers hun lidmaatschap opgezegd uit onvrede over de koers van de bond in het containerconflict.

Uitspraak 6 april.

Laatst gewijzigd: 22 maart 2016 12:24